Het maken van fouten
Je kan je procedures en processen nog zo goed mogelijk implementeren; er gebeuren nog steeds heel wat ongevallen op de werkvloer. Mensen zijn geen machines die klakkeloos en altijd met dezelfde energie en concentratie taken uitvoeren. Leer je een nieuwe taak, dan ben je je wel bewust van hoe je die moet uitvoeren. Na verloop van tijd sluipt het automatisme erin – je concentratie en aandacht verslappen, en dat kan desastreuze gevolgen hebben. Iedereen kent wel een voorbeeld van een zeer ervaren collega, die ondanks alle kennis en expertise, een fout maakte ‘omdat hij of zij er met het hoofd niet bij was’.
Automatismen
Die automatismen zijn wel essentieel – anders raak je overprikkeld. Denk maar aan autorijden; regelmatige verplaatsingen doe je intussen op automatische piloot – zonder dat je je helemaal bewust bent van wat er rond je gebeurt, tenzij er iets uitzonderlijk gebeurt. Stel je nu eens voor dat je dat traject op precies dezelfde manier aflegt als toen je voor de eerst keer achter het stuur kroop. Je zou er niet alleen langer over doen, het zou ook mentaal belastend zijn.
Bewust denken en doen vraagt meer energie; ons brein verbruikt ongeveer een vierde van het vermogen dat ons lichaam produceert. Daarom is het goed dat onze hersenen doorheen de dag in spaarstand springen door bekende patronen en programma’s in te schakelen voor routinetaken. Dat houdt wel risico’s in; niet elk patroon of programma is geschikt voor elke taak. Met alle gevolgen van dien.